“Ik kon altijd zoveel aan…”

Waarom stress in de overgang ineens anders kan voelen

Je kent jezelf waarschijnlijk als iemand die veel aankan. Een drukke werkdag, een deadline, zorgen om je gezin en ondertussen nog allerlei praktische dingen regelen. Vroeger lukte het meestal om daarna weer tot rust te komen.

Maar nu lijkt diezelfde drukte je sneller uit balans te brengen.

Je bent eerder geïrriteerd, voelt je sneller overweldigd en slaapt juist slechter wanneer je rust het hardst nodig hebt. Dingen die vroeger gewoon bij het leven hoorden, lijken nu veel meer energie te kosten.

Misschien vraag je jezelf af:

Wat is er met mij aan de hand? Waarom reageer ik zo anders? Ik herken mezelf soms niet meer.

Wanneer dit herkenbaar is, betekent dat niet dat je zwak bent of dat je je aanstelt. Tijdens de overgang verandert er veel in je lichaam. Dat kan ook invloed hebben op de manier waarop je met spanning en stress omgaat.

Waarom stress in de overgang anders kan binnenkomen

Je lichaam beschikt over een uitgebreid systeem om met stress om te gaan. Verschillende hormonen en delen van je zenuwstelsel werken daarbij nauw met elkaar samen.

Ook oestrogeen en progesteron spelen een rol in processen die te maken hebben met stemming, slaap, ontspanning en herstel. Tijdens de overgang gaat de aanmaak van deze hormonen schommelen en uiteindelijk afnemen.

Daardoor kan de buffer die je vroeger tegen stress had, kleiner worden.

Dezelfde hoeveelheid drukte kan je nu harder raken. Niet omdat jij minder sterk bent geworden, maar omdat je lichaam in een andere fase zit en minder gemakkelijk terugschakelt naar rust.

Je kunt daardoor merken dat:

  • spanning langer blijft hangen;
  • je sneller overprikkeld raakt;
  • je lontje korter wordt;
  • je moeilijker ontspant;
  • je na een drukke periode meer tijd nodig hebt om te herstellen.

Dat kan verwarrend en soms zelfs beangstigend voelen. Zeker wanneer je altijd gewend bent geweest om door te gaan.

Hormonen moeten hun boodschap kunnen doorgeven

Bij hormonale klachten wordt vaak vooral gekeken naar de hoeveelheid hormonen in het bloed. Maar hormonen moeten ook een boodschap kunnen doorgeven aan je cellen.

Je kunt een hormoon vergelijken met een sleutel. Op en in je cellen zitten ontvangers die receptoren worden genoemd. Deze receptoren zijn als het ware de sloten waarop hormonen passen.

Pas wanneer een hormoon contact maakt met de juiste receptor, kan de boodschap worden doorgegeven.

Het gaat dus niet alleen om de vraag:

Hoeveel hormoon is er aanwezig?

Het gaat ook om de vraag:

Hoe goed kan het lichaam op dat hormoon reageren?

De communicatie tussen hormonen en receptoren is ingewikkeld en wordt door veel factoren beïnvloed. Denk aan leeftijd, voeding, slaap, stress, ontstekingsprocessen, medicatie en stoffen uit onze leefomgeving.

Dit kan mede verklaren waarom een bloeduitslag soms geen duidelijke verklaring geeft voor de klachten die een vrouw ervaart. Een bloedwaarde is namelijk maar één onderdeel van het hele verhaal.

De invloed van hormoonverstorende stoffen

Een andere mogelijke belasting zijn hormoonverstorende stoffen. Deze worden ook wel EDC’s genoemd. Dat is de afkorting van Endocrine Disrupting Chemicals.

EDC’s zijn stoffen die de natuurlijke werking van hormonen kunnen nabootsen, blokkeren of verstoren. We kunnen er dagelijks mee in aanraking komen, vaak zonder dat we ons daarvan bewust zijn.

Ze kunnen onder andere voorkomen in:

  • plastic verpakkingen en drinkflessen;
  • cosmetica en verzorgingsproducten;
  • parfums en geparfumeerde producten;
  • schoonmaakmiddelen;
  • bestrijdingsmiddelen;
  • coatings van bepaalde pannen en verpakkingen;
  • water- en vuilafstotende materialen;
  • sommige soorten textiel.

Niet iedere blootstelling leidt automatisch tot klachten. Wel kan de totale belasting een extra aandachtspunt zijn, vooral wanneer het lichaam al veel te verwerken heeft.

Je kunt het vergelijken met ruis op een telefoonlijn. De boodschap wordt nog wel verstuurd, maar komt mogelijk minder helder aan.

Tijdens de overgang, wanneer het hormonale systeem toch al moet zoeken naar een nieuw evenwicht, kan het waardevol zijn om ook naar deze omgevingsfactoren te kijken.

Hoe kan dit zich uiten?

Een combinatie van hormonale veranderingen, langdurige stress en andere belastende factoren kan zich op verschillende manieren laten zien.

Je kunt bijvoorbeeld merken dat:

  • je sneller gespannen of opgejaagd bent;
  • kleine dingen je eerder te veel worden;
  • je moeilijk in slaap valt;
  • je ’s nachts wakker wordt en gaat piekeren;
  • je vermoeid wakker wordt;
  • je emotioneler of prikkelbaarder bent;
  • je concentratie minder is;
  • je na inspanning langer moet herstellen;
  • je het gevoel hebt dat je niet meer helemaal jezelf bent.

Deze klachten kunnen ook andere oorzaken hebben. Daarom is het belangrijk om niet alles automatisch aan de overgang toe te schrijven en bij nieuwe, ernstige of aanhoudende klachten contact op te nemen met je huisarts.

Je lichaam werkt niet tegen je

Wanneer je minder goed tegen stress kunt dan vroeger, voelt het soms alsof je lichaam je in de steek laat.

Maar je lichaam werkt niet tegen je.

Het probeert zich aan te passen aan een nieuwe levensfase. Alleen heeft het daarbij soms meer ondersteuning, herstel en aandacht nodig dan voorheen.

Misschien is het niet langer helpend om op dezelfde manier door te gaan als je altijd hebt gedaan. Dat kan lastig zijn om te accepteren, maar het biedt ook een kans om opnieuw te ontdekken wat jouw lichaam werkelijk nodig heeft.

Dat kan betekenen:

  • regelmatiger eten;
  • voldoende eiwitten, gezonde vetten en vezels gebruiken;
  • bewust rustmomenten inbouwen;
  • beter naar je grenzen luisteren;
  • aandacht geven aan slaap;
  • regelmatig bewegen;
  • de belasting door EDC’s waar mogelijk verminderen;
  • je zenuwstelsel helpen om vaker tot rust te komen.

Het gaat niet om alles perfect doen. Juist kleine en haalbare veranderingen kunnen samen een groot verschil maken.

Waarom ik hier in mijn praktijk aandacht aan geef

In mijn praktijk begeleid ik vrouwen die merken dat ze tijdens de overgang anders reageren op stress, drukte en prikkels.

Ik kijk daarbij niet alleen naar afzonderlijke klachten. Ik kijk naar het geheel: voeding, leefstijl, slaap, stress, het zenuwstelsel, hormonale veranderingen en mogelijke belastende factoren uit de omgeving.

Ook besteed ik aandacht aan de communicatie tussen hormonen en receptoren. Niet omdat dit de enige verklaring is voor hormonale klachten, maar omdat een goede hormoonwerking uit meer bestaat dan alleen de hoeveelheid hormonen in het bloed.

Met een uitgebreide anamnese onderzoeken we samen wat er bij jou speelt. Vanuit daar ontstaat een persoonlijke aanpak die kan bestaan uit voedings- en leefstijladvies, natuurlijke ondersteuning, massage, aromatherapie en aandacht voor ontspanning en regulatie van het zenuwstelsel.

Je hoeft dit niet alleen uit te zoeken

Herken je dat je minder kunt hebben dan vroeger? Dat je sneller uit balans raakt, slechter slaapt of jezelf soms niet meer herkent?

Dan is dat geen teken dat je tekortschiet.

Je lichaam bevindt zich in een fase waarin de omstandigheden veranderen. Wat vroeger werkte, is nu misschien niet meer voldoende. Dat vraagt niet om harder je best doen, maar om een andere manier van zorgen voor jezelf.

Tijdens een kennismakingsgesprek kunnen we samen kijken naar jouw klachten, jouw leefstijl en wat jouw lichaam op dit moment nodig heeft.

Je bent niet te veel. Je lichaam vraagt om een andere aanpak.